Vraag

16 apr. 2026

Vragen over onafhankelijkheid van kennis, onderzoek en monitoring m.b.t. vissen

Schriftelijke vragen fractie Partij voor de Dieren ingediend op 16-4-2026
In de Jaarrapportage Grondzaken over het jaar 2025 wordt vermeld op pagina 6: "De inkomsten van visrechten zijn aanzienlijk gedaald. Oorzaak hiervan is het bestuursbesluit om een symbolisch bedrag voor de rechten te rekenen wanneer verenigingen en federaties wederdiensten leveren ten gunste van waterschapsopgaven."Daarboven is een staatje opgenomen waarbij de jaarlijkse visrechten van €5.122 in 2020 zijn teruggebracht tot €176 in 2023, €793 in 2024 en €926 in 2025.
 

Bedrag voor verhuur van visrechten en de korting daarop

Vraag 1. Aan hoeveel hengelsportverenigingen verhuurt WDODelta visrecht? 
Vraag 2. Wat zijn de bedragen die afzonderlijke verenigingen afgelopen jaar aan WDODelta hebben betaald voor visrechten?
Vraag 3. Op welke gronden worden deze jaarlijkse bedragen voor visrechten vastgesteld? 
Vraag 4. In hoeverre is het bedrag afhankelijk van de wederdiensten van verenigingen van hengelaars m.b.t. de waterschapsopgaven van WDODelta? 
Vraag 5. Om welke diensten van hsv’s gaat het dan heel specifiek? Kunt u dat toelichten voor het jaar 2025? 


Duur en continuatie visrechten

Vraag 6. Klopt het dat de visrechten in eerste instantie voor een jaar worden verhuurd en daarna voor 6 jaar? 
Vraag 7. Is er ook sprake van continuatierecht van de visrechten voor verenigingen voor hengelaars na een periode van 6 jaar? 
Vraag 8. Wat zijn de juridische rechten van hengelsportverenigingen m.b.t. visrechten die eerder zijn verleend?
Vraag 9. Heeft WDODelta het recht om de visrechten weer in te trekken wanneer dat nodig is voor bijvoorbeeld de waterkwaliteit of de visstand? 
Vraag 10. Europese wet- en regelgeving (zoals de KRW) stuurt erop aan dat waterschappen geen vergunningen meer aangaan voor langere tijd. Geldt dit ook voor het verlenen van visrechten?


Kennis, onderzoek en monitoring

Vraag 11. Wat doet WDODelta zelf als het gaat om kennis, onderzoek, monitoring en scholing m.b.t. vissen? 
Vraag 12. Van welke onafhankelijke adviesbureaus maakt WDODelta gebruik als het gaat om kennis, onderzoek, monitoring en scholing van en over vissen?
Vraag 13. Doen verenigingen of federaties voor hengelaars ook onderzoek in opdracht van WDODelta? Zo ja, welk onderzoek? Wanneer? 
Vraag 14. Verstrekken verenigingen voor hengelaars de uitkomsten van onderzoek naar vissen aan WDODelta? Zo ja, welk onderzoek?
Vraag 15. Doen verenigingen voor hengelaars ook monitoring voor WDODelta? Kunt u toelichten wanneer en waar (op welke plek)?
Vraag 16. Hoe borgt WDODelta de eigen onafhankelijkheid van kennis, onderzoek en monitoring m.b.t. vissen? 
Vraag 17. Wat doet WDODelta zelf aan educatie over vissen op scholen? 
Vraag 18. Hoe zie het lesmateriaal / educatie over vissen (vispassages/ visstand) gegeven door WDODelta eruit? Kunnen we dat lesmateriaal ontvangen?


Hengelplaatsen

Vraag 19. Wie faciliteert de hengelplaatsen langs watergangen in ons werkgebied? Doen hengelsportverenigingen dat of doet WDODelta dat?
Vraag 20. Wie betaalt de aanleg van hengelplaatsen? Is dat de belastingbetaler (via het waterschap) of de hengelsporter via de vereniging? 
 

Bedrag voor verhuur van visrechten en de korting daarop

Vraag 1. Aan hoeveel hengelsportverenigingen verhuurt WDODelta visrecht? 
Antwoord: Aan acht hengelsportverenigingen, de federaties Sportvisunie en Bond van Binnenvissers en aan één beroepsvisser.

Vraag 2. Wat zijn de bedragen die afzonderlijke verenigingen afgelopen jaar aan WDODelta hebben betaald voor visrechten?
Antwoord: De huurprijs van het visrecht bedraagt sinds juli 2023 voor alle overeenkomsten met visverenigingen en hengelsportfederaties € 1,- per jaar, onder de voorwaarde dat wederdiensten worden geleverd, zoals hulp bij vissterfte of monitoring bij vispassages. Voor beroepsvissers geldt de landelijke richtlijn van € 2,26 per hectare per jaar als huurprijs (zie het door het dagelijks bestuur vastgestelde visbeleid van 5 december 2023).

Vraag 3. Op welke gronden worden deze jaarlijkse bedragen voor visrechten vastgesteld? 
Antwoord: In het visbeleid, dat op 5 december 2023 door het dagelijks bestuur is vastgesteld, is opgenomen dat de huurprijs voor visverenigingen € 1,- per jaar bedraagt.

Vraag 4. In hoeverre is het bedrag afhankelijk van de wederdiensten van verenigingen van hengelaars m.b.t. de waterschapsopgaven van WDODelta?
Antwoord: Het bedrag is niet gekoppeld aan de omvang van de wederdiensten, maar vastgesteld op € 1,- per jaar, ongeacht de hoeveelheid geleverde wederdiensten. Hiervoor is gekozen omdat vooraf niet bekend is waar en wanneer hulp nodig is, bijvoorbeeld bij vissterfte.

Vraag 5. Om welke diensten van hsv’s gaat het dan heel specifiek? Kunt u dat toelichten voor het jaar 2025? 
Antwoord: De wederdiensten bestaan onder andere uit het in de gaten houden van watergangen, het melden en optreden tegen overtredingen ten aanzien van de visstand en bijvoorbeeld het wegvangen van in nood verkerende of dode vissen.
Het jaar 2025 kende gelukkig weinig vissterfte, waardoor nauwelijks gebruik hoefde te worden gemaakt van wederdiensten. In 2024 was op een aantal locaties wel sprake van vissterfte. Daarbij is onder andere visvereniging Deventer actief geweest bij het redden van vissen. 


Duur en continuatie visrechten

Vraag 6. Klopt het dat de visrechten in eerste instantie voor een jaar worden verhuurd en daarna voor 6 jaar? 
Antwoord: Nee. De Visserijwet schrijft voor dat een vishuurovereenkomst altijd wordt aangegaan voor een periode van zes jaar en van rechtswege telkens met zes jaar wordt verlengd. Een vishuurovereenkomst voor één jaar kan alleen in zeer bijzondere omstandigheden, bij objectief tijdelijk gebruik, niet om beleidsmatige wens of gemak.
Het waterschap respecteert de vishuurovereenkomsten die in juli 2023 rechtsgeldig van kracht waren. Deze blijven doorlopen conform de wettelijke systematiek van zesjarige termijnen met continuatie. 
Het waterschap streeft conform beleid 2023 naar schriftelijke toestemmingen. Voor watergangen waarvoor het visrecht momenteel niet is uitgegeven, sluit het waterschap geen nieuwe vishuurovereenkomsten meer af. In plaats daarvan verleent het waterschap uitsluitend schriftelijke toestemmingen. Met deze keuze blijft het waterschap zelf visrechthebbende en behoudt het meer zeggenschap over wat er wel en niet gebeurt in de watergang. Een schriftelijke toestemming is juridisch iets anders dan een vishuurovereenkomst en mag maximaal drie jaar duren. Deze wordt niet stilzwijgend verlengd. Bij een schriftelijke toestemming is de toestemming niet exclusief.

Vraag 7. Is er ook sprake van continuatierecht van de visrechten voor verenigingen voor hengelaars na een periode van 6 jaar? 
Antwoord:  Ja. Bij vishuurovereenkomsten is dit wettelijk geregeld. Op grond van de Visserijwet worden vishuurovereenkomsten na afloop van de termijn van zes jaar van rechtswege telkens met zes jaar verlengd (continuatierecht).
Bij schriftelijke toestemmingen geldt dit niet. Zoals toegelicht bij vraag 6 eindigt een schriftelijke toestemming van rechtswege na uiterlijk drie jaar en bestaat daarbij geen continuatierecht.

Vraag 8. Wat zijn de juridische rechten van hengelsportverenigingen m.b.t. visrechten die eerder zijn verleend?
Antwoord: Hengelsportverenigingen hebben een sterke rechtspositie en worden bij verleend visrecht (vishuurovereenkomsten) beschermd door het continuatierecht, waardoor het visrecht in beginsel van rechtswege na 6 jaar doorloopt met opnieuw een periode van 6 jaar. Dit recht is opgenomen in artikel 33 Visserijwet 1963.
WDODelta kan besluiten om de overeenkomst niet te verlengen, door de huurder daarvan in kennis te stellen. Tegen dit voornemen van WDODelta kan de huurder echter opkomen, door de Kamer voor de Binnenvisserij te verzoeken de overeenkomst alsnog te verlengen. De enige toets die door de Kamer wordt aangelegd is of doelmatige bevissing van het water wordt belemmerd in het geval de huurovereenkomst wordt verlengd. Als dat niet het geval is – wat meestal niet aan de orde is – wordt de overeenkomst gewoon verlengd, ook als WDODelta dit niet wenst. 

Vraag 9. Heeft WDODelta het recht om de visrechten weer in te trekken wanneer dat nodig is voor bijvoorbeeld de waterkwaliteit of de visstand? 
Antwoord: Er is op grond van de Visserijwet geen grondslag om voor die doelen een overeenkomst in te trekken of niet te verlengen. Bij verlenging kunnen wel voorwaarden toegevoegd worden die aan de Kamer Intern van de Binnenvisserij worden voorgelegd en getoetst. Hierbij wordt onder andere getoetst op belemmering van doelmatige bevissing. Van doelmatige bevissing is sprake als een water zodanig bevist wordt, dat de visstand niet wordt weggenomen, maar ook anderzijds ervoor wordt gewaakt dat geen overmatige visstand ontstaat.

Vraag 10. Europese wet- en regelgeving (zoals de KRW) stuurt erop aan dat waterschappen geen vergunningen meer aangaan voor langere tijd. Geldt dit ook voor het verlenen van visrechten?
Antwoord: Nee. Het betreft namelijk geen vergunning in de zin van de KRW, maar een
huurovereenkomst. In het visbeleid dat in december 2023 door het dagelijks bestuur is vastgesteld, is besloten dat het waterschap voor nieuwe locaties geen nieuwe huurovereenkomsten meer afsluit. Voor nieuwe locaties worden uitsluitend schriftelijke toestemmingen verleend. Bestaande huurovereenkomsten blijven van kracht.


Kennis, onderzoek en monitoring

Vraag 11. Wat doet WDODelta zelf als het gaat om kennis, onderzoek, monitoring en scholing m.b.t. vissen? 
Antwoord: Het waterschap laat onderzoek naar vis uitvoeren en doet dit voor een drietal redenen:

  • de monitoringverplichting van de KRW;
  • het beoordelen van de effectiviteit van maatregelen (o.a. werking van vispassages);
  • ondersteuning van een juiste uitvoering van de natuurwetgeving (zoals de gedragscode enflora- en faunawetgeving).

Vraag 12. Van welke onafhankelijke adviesbureaus maakt WDODelta gebruik als het gaat om kennis, onderzoek, monitoring en scholing van en over vissen?
Antwoord: Recentelijk zijn hiervoor Waardenburg Ecology en Visadvies ingezet. Daarnaast wordt Aqualysis ingezet voor e-DNA onderzoek en zijn we met het RAVON in gesprek over onderzoek naar de grote modderkruiper, een belangrijke soort in de natuurwetgeving.

Vraag 13. Doen verenigingen of federaties voor hengelaars ook onderzoek in opdracht van WDODelta? Zo ja, welk onderzoek? Wanneer? 
Antwoord: Nee. Er worden geen onderzoeken in opdracht van WDODelta uitgevoerd door hengelsportverenigingen of federaties. Zij kunnen wel gevraagd worden mee te werken door adviesbureaus zoals benoemd onder vraag 12.

Vraag 14. Verstrekken verenigingen voor hengelaars de uitkomsten van onderzoek naar vissen aan WDODelta? Zo ja, welk onderzoek?
Antwoord: Ja, gedeeltelijk. Het betreft onderzoeken die verenigingen zelf moeten uitvoeren voor bepaalde activiteiten, bijvoorbeeld bij een aanvraag voor het uitzetten van vis. Om te beoordelen of het uitzetten van vis is toegestaan, vraagt het waterschap om een recent onderzoek naar de actuele visstand op de betreffende locatie.

Vraag 15. Doen verenigingen voor hengelaars ook monitoring voor WDODelta? Kunt u toelichten wanneer en waar (op welke plek)?
Antwoord:  Niet in opdracht van WDODelta. Zij kunnen bij opdrachten van WDODelta aan adviesbureaus zoals benoemd onder vraag 12, gevraagd worden door die bureaus om mee te werken aan bijvoorbeeld monitoring bij vispassages.

Vraag 16. Hoe borgt WDODelta de eigen onafhankelijkheid van kennis, onderzoek en monitoring m.b.t. vissen? 
Antwoord: Door onafhankelijke adviesbureaus (zie vraag 12) in te zetten voor eigen vraagstukken. 

Vraag 17. Wat doet WDODelta zelf aan educatie over vissen op scholen? 
Antwoord: WDODelta besteedt op verschillende manieren aandacht aan educatie over vissen, vismigratie en vispassages binnen het onderwijs, onder andere via lesprogramma’s, gastlessen, techniek-evenementen en samenwerkingen met scholen en educatieve organisaties. Een nadere toelichting is opgenomen in de bijlage

Vraag 18. Hoe zie het lesmateriaal / educatie over vissen (vispassages/ visstand) gegeven door WDODelta eruit? Kunnen we dat lesmateriaal ontvangen?
Antwoord: In de bijlage is een nadere toelichting opgenomen op de verschillende educatieprojecten en de wijze waarop binnen het onderwijs aandacht wordt besteed aan vissen, vismigratie en vispassages. Het bijgevoegde materiaal kan hierbij als voorbeeld dienen.
 

Hengelplaatsen

Vraag 19. Wie faciliteert de hengelplaatsen langs watergangen in ons werkgebied? Doen hengelsportverenigingen dat of doet WDODelta dat?
Antwoord: Nieuwe hengelplaatsen worden door de hengelsportvereniging/Sportvisunie zelf aangelegd. De hengelplaatsen worden beheert en onderhouden door de verenigingen/Sportvisunie zelf.

Vraag 20. Wie betaalt de aanleg van hengelplaatsen? Is dat de belastingbetaler (via het waterschap) of de hengelsporter via de vereniging? 
Antwoord: Het waterschap betaalt niet mee aan de aanleg van nieuwe hengelplaatsen. De enige uitzondering daarop is wanneer een bestaande hengelplaats verdwijnt door een herinrichting van een watergang door WDODelta.